Het klopt dat het voor grote winkeliers momenteel vaak nog niet interressant is om een webwinkel te openen. De kosten voor de Internet-retail nemen alleen maar toe als de verkopen toenemen terwijl de verminderde omzet bij hun winkels nauwelijks kan leiden tot het verkleinen van de kosten aan huur en personeel.
Voor een kleine winkelier is het opzetten van een Internet-shop echter van levensbelang. Hiermee kan namelijk, voor relatief weinig kosten, het bereik van de winkel verveelvoudigd worden.
De bovenstaande opmerking past in een lang rijtje excuses om geen webshop te starten. Een ander bekend argument uit dit rijtje is: kannibalisatie op de bestaande bricks-omzet.
Deze argumenten zijn stuk voor stuk gebaseerd op het misverstand dat een webshop niets meer is dan een extra loket, een extra kassa, waarvan de resultaten gewoon opgeteld kunnen worden bij winst- en verliesrekening van de bestaande fysieke winkel.
McDonald?s dacht ooit: weet je wat, we maken een extra loket voor een andere doelgroep - de automobilist. Er kan dan gebruik worden gemaakt van de bestaande infrastructuur en we verminderen per saldo de totale kosten van het bestaande restaurant. Dat klopt ? in die situatie.
Maar voor een webshop gelden andere logistieke en organisatorische wetten. Daarom is het een aperte fout om te denken: kan ik met een webshop naast mijn fysieke winkel de totale kosten delen? Het antwoord op die rekensom zal bijna altijd negatief zijn. Het is eigenlijk een ondernemersfout, om zo te denken. Je onderneemt namelijk niet, je bent door angst gedreven aan het bedenken hoe je je verliezen kunt beperken.
Het uitgangspunt moet daarom anders zijn. Geen reddingsoperatie voor de bestaande winkel, maar puur zakelijk en objectief. Wie een webshop start naast een fysieke winkel moet dit in een aparte BV onderbrengen. Met een eigen winst- en verliesrekening. De overheadkosten van de fysieke winkel mogen niet ?verrekend? worden met de shop, en de winsten van de shop mogen niet ?afgeroomd? worden door de fysieke winkel. Alleen als je het op die manier doet, onderneem je. Je crert een virtuele concurrent ? en dat de beste mogen winnen.
Wie zo redeneert, heeft geen excuus meer om een virtuele winkel te starten. Het moet zelfs. Omdat je beter zelf die concurrent kunt zijn, dan dat een ander dat is.
Ooit kocht je of een Grundig, of een Philips. Of een ander merk. Maar meestal kwamen ze van dezelfde holding. Zonder dat de verliezen van Grundig gedekt werden door Philips. En tegenwoordig: stel je voor dat Philips de verliezen van de chips-divisie laat deken door de lampjes-poot. Long tail? Het bestaat al heel erg lang. Heeft u een fysieke winkel? Open dan niet 1 webshop, maar 10. Play this long tail. Maar wel op een zakelijke correcte basis: elk met een eigen ritme, logistiek en marketing. En vooral met een eigen boekhouder.
Martin Bongers Zie ook: www.twinklemagazine.nl