Wanneer Nederlandser op hun mobiele telefoon zoekopdrachten in kunnen spreken, is niet bekend. Maar dat het komt staat vast als het aan Googles toponderzoeker Alfred Spector ligt. “Amerikaans en Brits Engels zijn al mogelijk. Andere talen zijn onderweg”, aldus de Amerikaanse wetenschapper tegenover deze uitgave.
Gesproken taal is een veel natuurlijker interface tot Googles systemen dan het toetsenbord van een computer of mobiele telefoon. Daarom experimenteert het technologiebedrijf op grote schaal met taaltechnologie op zijn systeem van miljoenen servers.
“Taalonderzoek en de toepassing daarvan in computers ging in het verleden langzaam. Tegenwoordig zie je de stand van zaken van jaar op jaar beduidend vooruit gaan”. Anders dan gebruikelijk onder taalonderzoekers rekent Google niet uit wat gesproken woorden betekenen, maar leidt vertalingen af uit zoekopdrachten, webteksten en de context waarin ze verschijnen. “We werken vanuit een bottom up-benadering”.
In februari van dit jaar liet Googles Vic Gundotra tijdens het Mobile World Congress in Barcelona zien hoe spraakbesturing van zijn zoekmachine werkt op Android:
Spector: “In de toekomst worden ook het aspect ‘locatie’ toegevoegd aan zoekopdrachten. Immers, ‘search’ is een functie van locatie”.
De reden dat Google spraakzoeken gestaag uitrolt heeft te maken met de kwaliteit van het systeem. “De kwaliteit moét goed zijn. Bij ingetikte zoekopdrachten kun je nog fouten maken. Bij spraak heb je die tolerantie niet”.
Google Translate, de (ver)taalmachine op het web, kan inmiddels 50 talen over en weer vertalen, oftewel: 2.500 taalcombinaties.
Foto: oskay (cc)