Veel bedrijven zien met angst en beven de nieuwe cookiewetgeving tegemoet. Nu is de tijd om een publieke discussie te voeren over de invulling van de wet. De relevante marktpartijen en brancheverenigingen blijven echter helaas angstvallig stil.
door: René Nijhuis *)
Adverteerders vrezen hun doelgroep niet meer te kunnen bereiken. Online uitgevers vrezen inkomstendaling omdat advertenties minder relevant worden. Aanbieders van diensten rond behavioural targeting moeten op zoek naar nieuwe manieren van informatievergaring. En ook affiliatepartijen en advertentienetwerken moeten hun werkwijze mogelijk drastisch gaan aanpassen als de nieuwe wet werkelijkheid wordt.
Niemand weet nog wat er precies in de wet komt te staan, wat voor eigen interpretatie opengelaten wordt, wat dit voor de dagelijkse praktijk betekent en hoe een en ander gehandhaafd moet gaan worden. Daarbij merk ik in de markt ook enige apathie, een struisvogelmentaliteit, zo van “Als we het er maar niet over hebben waait het misschien over”.
Toen de eerste versie van het wetsvoorstel begin dit jaar werd gepresenteerd, hebben veel organisaties het ministerie weliswaar suggesties gestuurd over hoe het voorstel te verbeteren, maar dat heeft niet een publiek debat opgeleverd. Juist in de publieke opinie is online privacy bescherming een belangrijk thema. Daarom moet de discussie ook breed gevoerd worden. Nu kan een actieve houding nog effect hebben. Zodra het een keer in de wet staat, is het te laat.
Een belangrijke persoon voor deze regelgeving is uiteraard Europees Commissaris Neelie Kroes van Digitale zaken. Zij gaf op 17 september jongstleden een speech tijdens een rondetafelconferentie over online marketing in Brussel en in die speech komt ze de branche nadrukkelijk tegemoet. Tegelijkertijd dringt ze wel aan op zelfregulering en eigen initiatief. Haar speech is een perfect startpunt voor een brede discussie over het spanningsveld tussen targeting op internet en de privacy van gebruikers.
Ik haal hieronder enige passages aan:
“First and foremost, we need effective transparency. This means that users should be provided with clear notice about any targeting activity that is taking place. Secondly, we need consent, i.e. an appropriate form of affirmation on the part of the user that he or she accepts to be subject to targeting”.
Hier gaat ze in op de privacyrechten van internetters en dit is in lijn met de nieuw voorgestelde wetgeving: de gebruikers moeten effectief geïnformeerd worden en toestemming geven voor het gebruik van de verzamelde gegevens voor targeting.
Belangrijk in deze is natuurlijk het woord ‘effectief’: hoe breng ik gebruikers op de hoogte van mijn praktijken zonder dat ze weglopen vanwege ofwel mijn praktijken, ofwel de manier waarop ik ze confronteer met de keuze van wel of niet deelnemen. De kans is niet gering dat veel mensen geconfronteerd met de keuze, negatief reageren, omdat hen niet duidelijk is wat ze er mee winnen.
Interessant discussiepunt 1: Hoe overtuig ik mijn bezoekers dat ze baat hebben bij effectieve targeting? Dat betekent wel de perceptie die momenteel in de maatschappij leeft 180 graden draaien omdat getargete advertenties en site content nog vaak (onterecht) worden geassocieerd met telesales en ongevraagd drukwerk in de brievenbus.
“Third, we need a user-friendly solution, possibly based on browser (or another application) settings. Obviously we want to avoid solutions which would have a negative impact on the user experience. On that basis it would be prudent to avoid options such as recurring pop-up windows. On the other hand, it will not be sufficient to bury the necessary information deep in a web site’s privacy policies. We need to find a middle way”.
Hier wordt het interessant, want concreet. Ze laat hier nadrukkelijk de optie open dat persoonlijke voorkeuren worden ingesteld in de browser en dat de gebruikerservaring een belangrijk thema is bij het zoeken naar een manier om de voorkeuren vast te leggen. Daarmee beperkt ze effectief de strekking van het privacy argument: privacy ok, maar we laten het niet ten koste gaan van een belangrijkte kracht van het web: snelheid en gebruiksgemak.
Interessant discussiepunt 2: Wat is een aantrekkelijke (technische) oplossing om mensen bewust te maken van de privacyconsquenties van hun bezoek of om ze de keuze te kunnen laten maken van wel of geen targeting?
“On a related note, I would expect from you a clear condemnation of illegal practices which are unfortunately still taking place, such as ‘re-spawning’ of standard HTTP cookies against the explicit wishes of users”.
Hierop heeft het IAB onmiddellijk gehoorzaamd en op 10 oktober jongstleden ‘re-spawning’ in de ban gedaan. Maar goed, dan heb je het over illegale praktijken volgens de huidige wetgeving. Eigenlijk zou het vanzelf moeten spreken dat een branchevereniging tegen de toepassing van illegale methoden is en het verbaast daarom eerder dat de oproep van mevrouw Kroes nodig was om het IAB hiertoe te bewegen.
Interessant discussiepunt 3: Hoe ver moet de branche gaan bij zelfregulering? Dit kun je vergelijken met de alcoholbranche die met vallen en opstaan aan het leren is zich in hun reclameboodschappen uitsluitend te richten op mensen van 16 jaar en ouder. De situatie van het IAB is alleen nog wel wat ingewikkelder omdat zij natuurlijk te maken hebben met veel verschillende belangen van hun leden. Dat neemt niet weg dat zij samen met de DDMA, het PAN en nog een aantal andere branche-organisaties de eerst aangewezenen zijn om hierin voorstellen te doen.
“Fourth and finally: effective enforcement. It is essential that any self-regulation system includes clear and simple complaint handling, reliable third-party compliance auditing and effective sanctioning mechanisms. If there is no way to detect breaches and enforce sanctions against those who break the rules, then self-regulation will not only be a fiction, it will be a failure”.
Nieuwe wetgeving moet te handhaven zijn. Dat betekent dat zowel site eigenaren als internetters de regels moeten kunnen begrijpen en dat handhavingsinstanties de middelen in handen krijgen om te controleren en te sanctioneren. Bovendien moet de regelgeving in lijn zijn met die bij buurlanden, omdat het internet geen grenzen kent. Als het in Nederland onaantrekkelijkkelijker is om aan e-commerce te doen dan in België, dan zet ik mijn kantoor daar neer.
Interessant discussiepunt 4: Hoe formuleren we de wet zodat voor iedereen duidelijk is wat zijn rechten en plichten zijn en welke middelen kunnen we de handhavers geven om te bewaken dat de wet ook wordt nageleefd?
Dit zijn maar enkele van de punten die tijdens een discussie over de nieuwe wetgeving de revue moeten passeren. Daarbij is het belangrijk dat zoveel mogelijk partijen hier hun licht over laten schijnen en dat hierbij de verantwoordelijke Kamerleden aanwezig zijn, aangezien zij uiteindelijk over de wet moeten gaan stemmen.
*) Auteur: René Nijhuis, manager Business Intelligence van Netsociety.
Netsociety organiseert op woensdag 3 november aanstaande vanaf 16.00 uur een gratis toegankelijk evenement in Nieuwspoort in Den Haag, waarbij we dit debat gaan voeren met vakexperts, juridische experts, belanghebbenden en Kamerleden. Er zijn voor dit evenement nog beperkt plaatsen verkrijgbaar. Neem deel aan de brede discussie, schrijf u in voor dit evenement via deze pagina.














Ik vind het een goed idee om een debat te voeren voor het verkrijgen van meer duidelijkheid. Desalniettemin is het een optie andere tracking methodes te onderzoeken. Oxalex heeft bijvoorbeeld voor een niche branche watersportrecreatie een eigen affiliate netwerk ontwikkeld dat anders werkt dan de huidige netwerken. Via een uitgebreide service aan adverteerders, publishers en de aangebrachte klanten gaan zij veel verder dan de huidige affiliatenetwerken en voldoen hiermee wel volledig aan de nieuwe wetgeving.