Zeven op de tien organisaties werken actief aan werkgeverschap voor jong talent, maar behoud blijft de achilleshiel
De Bilt – Bijna driekwart van de organisaties (72 procent) heeft de afgelopen jaren stappen gezet om zich aantrekkelijker te positioneren als werkgever voor jong talent. Toch vertaalt die investering zich niet in behoud van jong talent. Daarvoor geven organisaties zichzelf gemiddeld namelijk een 6,8 – het laagste cijfer van alle gemeten onderdelen, waaronder werving en onboarding. Veertig procent beoordeelt zichzelf ronduit met een onvoldoende. Dit blijkt uit onderzoek van Ormit Talent onder 573 managers en directieleden in organisaties met 250 of meer medewerkers in Nederland en België.
De investering is er, de resultaten blijven achter Organisaties nemen verschillende acties om aantrekkelijk te worden voor jong talent. De meest genoemde maatregelen zijn investeren in ontwikkeling en loopbaanperspectief (48 procent), verbetering van de werk-privébalans (44 procent), betere arbeidsvoorwaarden (41 procent) en een zorgvuldigere onboarding (41 procent). Organisaties die meer investeren in het aantrekken van jong talent, behalen ook meer resultaat op dat gebied. Maar zonder parallelle investering in begeleiding en perspectief blijft dat een tijdelijke winst.
Vier redenen waarom behoud mislukt Zo noemt 35 procent van de organisaties het risico op kortetermijnvertrek als grootste uitdaging rondom jong talent. Nieuwe medewerkers vertrekken voordat de investering in werving en onboarding heeft kunnen renderen. Hoe komt dat? Vier terugkerende knelpunten tekenen zich af.
De verwachtingen van jong talent over snelle doorgroei botsen regelmatig met de realiteit in de organisatie (31 procent). De begeleiding van jong talent vergt capaciteit die er niet altijd is (30 procent), en hun beperkte werkervaring leidt tot relatief langere inwerktijden (30 procent). Tot slot noemt een kwart van de organisaties een mismatch tussen de behoeften van jong talent en de team- of organisatiecultuur als versneller van vertrek (25 procent). Opvallend is dat directie en hoger management de situatie structureel positiever inschatten dan het lagere management dat dagelijks met dit jonge talent werkt. Dat verschil in beleving maakt het moeilijker om gezamenlijk grip te krijgen op de problemen die tot vertrek leiden.
Het bewustzijn is er, nu de acties nog Het bewustzijn groeit, maar leidt nog onvoldoende tot concrete actie. Minder dan drie op de tien organisaties is tevreden over de eigen prestatie op het gebied van behoud. En dat terwijl de investering aan de voorkant wel degelijk toeneemt.
‘Organisaties hebben de afgelopen jaren fors geïnvesteerd om aantrekkelijk te worden voor jong talent. Dat is goed nieuws. Maar als je vervolgens niet investeert in het creëren van de randvoorwaarden voor het behouden van dit jong talent, is het weggegooid geld’, zegt Ingrid van Tienen, Director van Ormit Talent. ‘Het feit dat veertig procent van de organisaties zichzelf een onvoldoende geeft, laat zien dat het bewustzijn er is. Nu is het hoog tijd dat organisaties dat vertalen in gerichte acties. Begeleiding, perspectief en aansluiting op de verwachtingen van jonge professionals zijn geen extra’s. Ze bepalen of de investering aan de voordeur er niet via de achterdeur weer uit loopt.’
Dit artikel is een ingezonden bericht en valt buiten de verantwoordelijkheid van de redactie.