Deel dit artikel
-

Deeleconomie zit in de lift

Het aantal gebruikers van deelapps als Uber, Airbnb en Lyft zal de komende tijd fors groeien, verwacht PricewaterhouseCoopers. Consumenten zijn zich steeds meer bewust van deze toepassingen, vooral omdat ze er geld mee kunnen besparen.

Voor de studie werden duizend (Amerikaanse) volwassenen ondervraagd. 19 procent van de Amerikanen heeft al eens deelgenomen aan de deeleconomie, vooral in de leeftijd van 18 tot 24 jaar. 43 procent zit bezit zelfs als een grote last, dus delen maakt het leven draaglijker.

Entertainment en media zijn het meest opgeschud door de deeleconomie. Consumenten zien digitale goederen als muziek en games minder als bezit. Maar ook de auto-industrie merkt de invloed. Het aantal mensen dat auto’s bezit is de laatste tien jaar gedaald.

Het onderzoeksbureau denkt dan ook dat er de komende jaren flink wat geld in de deeleconomie zal worden gepompt. Die is nu zo’n 15 miljard dollar waard, maar zou kunnen groeien tot 335 miljard in 2025. Wel is het belangrijk dat bedrijven die dergelijke diensten aanbieden vertrouwen bij hun klanten weten te wekken.

Ook cijfers over de Nederlandse markt. Het aandeel Nederlanders dat gebruik maakt van autodelen, autoreisdelen of zakelijke deelauto’s, is nog erg klein, zo maakte GfK vorige week bekend. De gebruikerspercentages variëren van 0,5 procent voor het autoreisdelen tot 1,2 procent van de werknemers die gebruik maakt van een mobiliteitsbudget via de werkgever.

De onbekendheid met de nieuwe vormen van automobiliteit is een belangrijke oorzaak voor het beperkte gebruik, evenals de nog lage instapbereidheid. Het begrip autodelen of car sharing is overigens al redelijk ingeburgerd.

Relatief veel Nederlanders zeggen de komende jaren misschien gebruik te gaan maken van de genoemde vormen van nieuwe automobiliteit. 13 procent denkt de komende jaren misschien wel een nieuwe taxidienst via een app op te roepen.

 

Dit bericht is 117 keer gedeeld

1 Reactie

Pieter van de Glind

In 2013 interviewde ik 20 gebruikers van drie verschillende deelplatformen (Thuisafgehaald, Peerby en Konnektid) over hun motieven. Vervolgens testte hij de bereidheid van 1330 Amsterdammers om deel te nemen aan de deeleconomie. De gekozen voorbeelden uit de deeleconomie zijn; objecten (boor of fiets), auto’s, ritten, maaltijden, tuinen, accommodatie en vaardigheden. Tot slot onderzocht hij de motieven die de 1330 Amsterdammers hebben voor het willen deelnemen aan de deeleconomie. De respondenten waren bijna allemaal 35 jaar of ouder en voor 96 procent van hen was de deeleconomie nieuw.

De resultaten laten een behoorlijke bereidheid zien. Er is variatie tussen de verschillende voorbeelden van de deeleconomie maar gemiddeld wil 43,8 procent deelnemen als gebruiker (dus iets lenen, huren, kopen van een ander) en 31,9 als aanbieder (dus iets uitlenen, verhuren, verkopen aan een ander). Maar liefst 84,1 procent van de respondenten zou op zijn minst aan één van de gevraagde voorbeelden mee doen.

Wij (shareNL) zijn betrokken bij meerdere binnen- en buitenlandse onderzoeksprojecten naar de deeleconomie. Gemiddeld genomen is er sprake van een hoge bereidheid, een snelle adoptie van deelplatformen, maar nog een beperkt bewustzijn. Wanneer we dit onderzoek vergelijken met eerdere onderzoeken in de VS dan zien we wel grofweg een verdubbeling van het bewustzijn (+/- 10-20% begin 2013, >40% 2015.

Zie ook http://www.sharenl.nl

Plaats een reactie

Uw e-mailadres wordt niet op de site getoond