Correcte productdata is ‘the new oil’

Om te overleven in het digitale tijdperk moeten bedrijven de basis productinformatie op orde hebben. Vanuit dat gegeven bood de sectorsessie levensmiddelen en drogisterij op het GS1 congres een heldere kijk op de huidige situatie: productdata moeten gedeeld worden en moeten correct, compleet en up-to-date zijn. En niet in de toekomst, maar nu.

Van datastroom naar data community
Koos van der Meij, Business developer Data and ICT in Agri-Food van de Wageningen Universiteit: “Waar de data supply chain nu nog loopt van toeleverancier naar producent en via de retailer naar de consument, gaat dat in de zeer nabije toekomst flink veranderen. Van een data supply chain gaan we naar een data community: een centrale verzameling data waar iedere partij uit kan putten wat voor hem van belang is.”

Bovendien, stelt Van der Meij, zullen die data in de toekomst steeds vaker gecombineerd gaan worden met data, zoals sensordata. Hij haalt als voorbeeld een handzame scanner (SCiO) aan waarmee levensmiddelen ‘uitgelezen’ kunnen worden op de aanwezigheid van bepaalde ingrediënten. De nieuwe mogelijkheden, roepen de vraag op: hoe gaan we in die toekomst met het delen van data om? Dat hier een rol ligt voor GS1 zelf is natuurlijk duidelijk, zegt Van der Meij.

Jumbo: Retail heeft steeds meer data nodig
Naast data voor een goede supply chain maakt retail ook op andere wijze gebruik van productinformatie. “Dé klant bestaat niet”, stelt Tim Hehenkamp, Directeur Data en Analyse van Jumbo Supermarkten. “En daarom zijn data nodig om winkels aan te sturen. Retailers zijn door schaalgrootte steeds verder van de consument af komen te staan, terwijl ook de consument zelf laat meer verscheidenheid zien in zijn shopping-gedrag.”

Omdat de consument ook steeds beter is geïnformeerd verwacht hij ook beter door de sector in zijn informatiebehoefte te worden voorzien. Hehenkamp roemt de website van Tesco, waar de consument kan zoeken op voor hem belangrijke termen, als ‘gluten’ of ‘paleo’. Zo’n functie werkt natuurlijk alleen als de producten zijn gekoppeld aan de juiste productdata.

Jumbo opereert met vier onderscheidende winkelformats (Jumbo, Foodmarkt, City en La Place) en is online actief. Daarin wil Jumbo de consument dichter naar zich toehalen. “Voor een optimale service geldt: met incorrecte data loopt de machine vast.” Jumbo is erg betrokken bij de ontwikkelingen rond GS1 Data Source, stelt Hehenkamp. “We gebruiken nog niet álle data, maar dat gaat snel veranderen.”

GS1: ‘Data is the new oil’
Jan Somers, ceo van GS1 Belgilux en lid van de internationale Data Excellence Board, geeft aan dat de nieuwe uitdaging voor de wereldwijde organisatie is om alle databases op elkaar af te stemmen en te komen tot een universeel toegankelijke productdatabase: GS1 Cloud. De ambitie ligt hoog: GS1 Cloud zal uiteindelijk de data van meer dan een miljard producten gaan bevatten. Deze zomer al zal GS1 Cloud operationeel zijn, met dan al de data van honderd miljoen producten. Het belang van goede, correcte data wordt alleen maar groter: “Data is the new oil.”

‘Correct, compleet en up-to-date’
“Er is al veel werk verzet in het verbeteren van de datakwaliteit in de GS1 datapool , maar de vraag naar data zal alleen maar groeien.”, stelt Jerry Tracey, sectormanager levensmiddelen en drogisterij. Tracey benadrukt dat alle data vooral op tijd correct en compleet moeten zijn. Nu steeds meer partijen van de datapool gebruikmaken (overheden, ngo’s, onderzoeksinstanties en app-ontwikkelaars) wordt het belang van correcte data alleen maar groter.

Naast de zorg in de groei van data en de snelheid waarin bedrijven deze op orde brengen, klinkt er ook tevredenheid. “Inmiddels zijn de productdata van meer dan 500 van de opgeroepen leveranciers gecontroleerd. Het programma DatakwaliTijd 2.0 is begin 2017 gestart, en is nu in tijd en resultaat ongeveer op de helft.”

Het Voedingscentrum: ‘Kies Ik Gezond?’
Eén van de nieuwe partijen die gebruikmaakt van GS1 Data Source is het Voedingscentrum. Het gaat om de nieuwe app van het Voedingscentrum, ‘Kies Ik Gezond?’, dat (deels) draait op de data uit de GS1 datapool. “Juiste gegevens zijn cruciaal voor onze app”, stelt projectleider Wieke van der Vossen van het Voedingscentrum. “Is uw online informatie op dezelfde manier geborgd als het fysieke etiket?”, vraagt zij de leverancier. Er is enige zorg over de kwaliteit van de data. Data zijn soms niet compleet, verouderd of hebben onduidelijke benamingen. Om fouten op te sporen hebben het Voedingscentrum en GS1 o.a. een allergenenchecker ontwikkeld die aangeeft of data missen of niet goed zijn ingevuld.

‘Fabrikant staat er niet alleen voor!’
Staat de fabrikant er dan helemaal alleen voor? Nee, natuurlijk. Data-analist Jeroen Dokter van GS1 laat zien hoe GS1 de leveranciers van dienst is, en hoe de data in GS1 Data Source met data-analytics worden gecontroleerd op fouten en omissies. “Wij leren ook gaande het proces, en kunnen steeds beter voorspellen waar fouten kunnen optreden, waardoor de kwaliteit van de datapool verder wordt vergroot.”

Als er iets is dat deze sectorsessie laat zien, dan is het wel dat productdata een zaak is van vele partijen. “We doen het vooral samen.” Als onafhankelijke not-for-profit organisatie ontwikkelen we internationale uniforme standaarden voor de identificatie en het vastleggen en delen van gegevens. GS1 brengt supermarkten en drogisterijen, bouwmarkten, ziekenhuizen en kledingwinkels, hun leveranciers en logistiek dienstverleners bij elkaar. Samen met hen werken we aan een efficiënte en betrouwbare keten.
 

Dit artikel is een ingezonden bericht en buiten de verantwoordelijkheid van de redactie.