Deel dit artikel
-

eDay 2019: succesfactoren voor versnelde innovatie

‘Fail Fast to Innovate Faster’ is een bekend spreekwoord als je het hebt over de adoptie van nieuwe trends en technologieën. In de praktijk blijkt dit voor Nederlandse organisaties toch een uitdaging. Met methodieken als rapid prototyping en design thinking kan je snel toegevoegde waarde bewijzen. Maar wat zijn precies de ingrediënten om succesvol innovatie te bedrijven, wat moet je als organisatie doen en hoe meet je succes? Tijmen van de Kamp (Avanade) praat je op Emerce eDay bij over de succesfactoren voor versnelde innovatie.

Een studie Sterrenkunde aan de Universiteit van Leiden leerde hem vooral dat hij geen wetenschapper wilde worden. In het afstudeerjaar verlegt hij de aandacht naar informatievakken als kunstmatige intelligentie, programmeren en numerieke wiskunde. Zo belandt hij in de IT wereld, in het bijzonder het IT bedrijf Sogeti.

De grootschaligheid ruilt hij in 2005 weer in voor kleinschaligheid. Hij wordt softwareontwikkelaar bij Delta-N. In 2008 wordt hij bij zijn huidige werkgever Avanade aangenomen als Microsoft-expert. Van de Kamp beschrijft zijn rol als een technische salesfunctie, waarbij hij oplossingen moet uitleggen aan klanten. Het duurt enkele jaren voordat hij er ctio (chief technology innovation officer) wordt.

Klanten helpt hij in workshop-vorm. ‘Het liefst heb ik mensen vanuit verschillende disciplines aan de klantenkant, omdat problemen en oplossingen op verschillende niveaus dan aan bod komen,’ vertelde hij enkele jaren terug aan Computable. ‘We gaan met zijn allen in de breedte op zoek naar de behoeften. Eerst denken we vanuit ‘the sky is the limit’ en daarna komen we weer terug op aarde.’

Van de Kamp noemde Nederland afgelopen zomer bij BNR Radio nog nadrukkelijk technologie achterstand land. In Nederland zeggen bedrijven vaker niet bezig te zijn met deze nieuwe technologieën.

Op het gebied van blockchain, kunstmatige intelligentie (AI) en quantum computing lopen Nederlandse bedrijven achter ten opzichte van andere landen. Vooral het inzien van het potentieel van deze opkomende technologieën en het implementeren ervan mist.

Wereldwijd zegt 90 procent van de ondervraagde managers en IT-besluitvormers dat ze blockchain, AI en quantum computing in hun activiteiten willen integreren. De Nederlandse besluitvormers zijn niet zo progressief.

Veel respondenten zijn bijvoorbeeld nog steeds niet overtuigd van de potentiële waarde van blockchaintechnologie, en de Nederlandse respondenten behoren tot de meest sceptische. Liefst 95 procent van de Nederlandse respondenten vindt blockchain meer een hype dan een revolutionaire technologie. Men vraagt zich ook af of de technologie past binnen hun bedrijf. Ter vergelijking: ongeveer de helft van de Amerikaanse en Duitse respondenten zegt dat ze van plan zijn om de blockchain te integreren.

Ook is slechts een op de vijf Nederlandse bedrijven (20 procent) begonnen met het integreren van kunstmatige intelligentie en slechts één procent heeft de technologie al volledig geïntegreerd. In Canada zegt bijvoorbeeld 20 procent van de respondenten dat ze AI al volledig hebben geïntegreerd en dat 36 procent is begonnen met integreren. Dichter bij huis, in Denemarken, zegt 18 procent dat ze AI volledig hebben geïntegreerd en zijn bijna vier op de tien bedrijven begonnen met het integreren van de technologie.

Meer dan vier op de vijf (84 procent van) Nederlandse bedrijven zeggen dat ze nog niet zijn begonnen met het integreren van quantum computing. Van leidinggevenden die van plan zijn om de technologie toe te passen, zegt slechts vier procent van de Nederlandse respondenten dat ze dit binnen een jaar zullen doen, een groot verschil met Deense (45 procent) en Canadese (39 procent).

Een van de belangrijkste redenen voor de langzame integratie is misschien wel het vertrouwen in de technologie. 70 procent van de Nederlandse respondenten zegt dat ze quantum computing niet volledig begrijpen. Daarnaast gelooft meer dan de helft (56 procent) van de Nederlandse managers niet dat quantum computing een grote impact zal hebben op het bedrijfsleven. Wereldwijd ligt dat gemiddelde veel lager, namelijk op 25 procent.

‘Opkomende technologieën hebben het potentieel om echt transformerend te zijn, maar het bijhouden van het tempo van de ontwikkeling van innovaties en het benutten van opkomende technologieën kan een grote uitdaging zijn,’ zegt Van de Kamp. Traditioneel namen bedrijven in ons land veel sneller trends zoals cloud, mobiel en sociaal over. Dat is niet zo gek, want bij deze trends is de impact gemakkelijker te verklaren en te begrijpen. Hij adviseert rapid prototyping en design thinking in te zetten. Op deze manier worden de nieuwe technologieën sneller door de bedrijven zelf opgepikt, waarbij kleine successen kunnen aanzetten tot grotere transformaties.

Deel dit bericht

Plaats een reactie

Uw e-mailadres wordt niet op de site getoond